[Naar de inhoud]
  • Programma
  • Informatie
  • Stories
  • Contact
  • English
Joep van Deudekom over De Verbinders

Joep van Deudekom over De Verbinders

Hoe humor, wetenschap en een beetje lef mensen bij elkaar kunnen brengen

25 augustus 2026

Joep van Deudekom (bekend van NUHR) en Rob Urgert (bekend van Joep van Deudekom) hebben besloten om na hun succesvolle omzwervingen op televisie terug te keren in het theater. Op dinsdag 6 oktober komen ze naar Groningen met de hartverwarmende voorstelling De Verbinders!, waarin ze een zaal vol onbekenden samenkneden tot een gezellige vriendengroep. Maar hoe doen ze dat? Aan Joep de vraag om een klein tipje van de sluier om te lichten – want deze voorstelling is té leuk en té bijzonder om te veel te verklappen.

“Rob en ik vinden het leuk om uit te zoeken waarom mensen doen wat ze doen. Net als in onze tv-programma’s Het Instituut en Wie denk je wel dat je bent? pakken we dat ook in De Verbinders bijna wetenschappelijk aan. We zijn de hele avond bezig met het opwekken van allerlei gelukshormonen: oxytocine, dopamine en endorfine. Dat doen we met allerlei oefeningen waarbij het publiek actief wordt betrokken. De eerste tien minuten zijn voor sommigen misschien even wennen, maar daarna gaat vrijwel iedereen mee en gebeurt er van alles in de zaal. We zijn altijd voorzichtig met hoeveel we daar vooraf over vertellen, want we willen de verrassing niet verpesten. Maar reken maar dat er ontzettend veel gelachen wordt. Juist die humor zorgt ervoor dat mensen zich veilig genoeg voelen om af en toe een klein stapje buiten hun comfortzone te zetten.

Oké, toch een klein voorbeeld. Op een gegeven moment vragen we mensen om elkaar een compliment te geven. Dat lijkt heel simpel, maar het werkt verrassend goed. Er is namelijk wetenschappelijk onderzoek gedaan waarbij er een hersenscan werd gemaakt terwijl mensen elkaar een compliment moesten geven. Daarbij zagen onderzoekers dat er dopamine vrijkomt, niet alleen bij degene die het compliment krijgt, maar óók bij degene die het geeft. Daarna lieten ze mensen expres een compliment geven dat ze eigenlijk niet meenden. En zelfs dan reageren je hersenen nog positief. Blijkbaar vinden we het gewoon heel prettig om een compliment te krijgen. Dat experiment doen we ook met tweetallen in de zaal. Daarna vragen we hoe mensen het compliment hebben ervaren. De meesten zijn er blij mee, maar er zijn er altijd een paar die zeggen: ‘Mwah, ik vond het eigenlijk niks.’ Dan vragen we natuurlijk waarom en dan hoor je soms de meest hilarische verhalen.”

Hebben jullie weleens een zaal gehad waarvan je dacht: deze mensen krijgen we nooit verbonden?

“We zijn in de coronaperiode met dit programma begonnen, op bedrijfscongressen en evenementen. Dan sta je tegenover 300 IT’ers, basisschooldocenten of wat voor beroepsgroep dan ook. Mensen die niet per se voor ons gekomen zijn. Dan is het ontzettend belangrijk hoe je begint. We hebben echt wel lastige zalen gehad: 500 sleuvengravers van de BAM bijvoorbeeld. De allereerste keer dat we het programma live speelden, hadden we 150 vrachtwagenchauffeurs in een zaal waar 800 mensen in konden. Dat was bepaald geen ideale start. Dat was eigenlijk de enige keer dat we dachten: komt dit wel goed? Inmiddels weten we wat wel en wat niet werkt en hoe ver we kunnen gaan. In het begin zeiden we nog weleens: als een zaal voor 90 procent uit mannen bestaat, doen we het liever niet. Maar inmiddels krijgen we ook die mee. Zo speelden we eens voor 300 militairen, allemaal in uniform. Meer testosteron kun je je bijna niet voorstellen. In het begin hadden ze flink commentaar op ons, maar Rob en ik zijn behoorlijk ad rem. Dus ook die militairen hadden zoiets van: deze gasten krijgen we niet gek. Uiteindelijk gingen ze allemaal mee. Aan het eind stonden ze met z’n allen te zingen. In het theater werkt het iets anders. Mensen hebben bewust een kaartje gekocht en komen echt voor ons. Bovendien duurt de voorstelling langer, waardoor we meer de diepte in kunnen. Het lastige is alleen: hoe meer ik erover vertel, hoe meer ik weggeef. En juist de verrassingen maken deze voorstelling zo bijzonder.”

Maar ook zonder allerlei voorbeelden te noemen begrijp ik dat jullie best veel vragen van het publiek. Moet je daar zelf ook iets tegenover zetten?

“Ja, je moet bereid zijn om zelf ook iets te geven. Daarom vertellen we allebei een heel persoonlijk en kwetsbaar verhaal. Rob vertelt bijvoorbeeld iets over zijn jeugd. Ik wist daar wel iets van, maar de details hoorde ik pas toen hij het voor het eerst op het podium vertelde. Zijn vrouw zat laatst in de zaal en viel compleet van haar stoel toen hij dat verhaal zo open met het publiek deelde. We leggen ook uit waarom we dat doen. Als wij onszelf kwetsbaar durven op te stellen, nodigt dat mensen in de zaal uit om dat ook te doen. Daarna geven we mensen de ruimte om met elkaar een kort persoonlijk gesprek te voeren. We zeggen er meteen bij: het blijft tussen jullie. We gaan niemand vragen om daar iets over te vertellen of er een grap van te maken. Wat er dan gebeurt is zo bijzonder. Je ziet een hele zaal ineens met volle aandacht met elkaar in gesprek gaan. Dat is iedere keer weer ongelooflijk om te zien.”

"Juist de verrassingen maken deze voorstelling zo bijzonder"

Joep van Deudekom

Door zelf kwetsbaar te zijn, breek je het ijs.

“Dat is precies wat er gebeurt. We horen na afloop regelmatig van mensen dat ze het eigenlijk makkelijker vonden om iets persoonlijks te delen met een onbekende dan met iemand die ze al jaren kennen. Voor ons is dat ook echt een van de mooiste momenten van de voorstelling. Er wordt de hele avond ontzettend veel gelachen, maar op zo’n moment is het even serieus. Dat geeft de voorstelling echt meer diepgang. En daarna schakelen we net zo makkelijk weer terug naar de humor.”

Merken jullie dat mensen de zaal anders verlaten dan ze binnenkwamen?

“Ja, dat merken we echt. In het begin vragen we ook waarom mensen zijn gekomen. Sommigen zeggen: ‘Omdat ik deze voorstelling graag wilde zien.’ Maar er zijn ook altijd mensen die toegeven: ‘Ik moest mee van mijn partner.’ Daar maken we natuurlijk de hele avond grappen over. Aan het einde vragen we hoe ze de voorstelling hebben ervaren. Dan blijkt vrijwel iedereen enthousiast. Zelfs de mensen die aan het begin zeiden dat ze mee moesten. We geven bezoekers ook de mogelijkheid om nog iets tegen ons te zeggen. Er steken altijd wel een paar mensen hun hand op en dat levert vaak bijzondere momenten op. Laatst stond er een jongen van een jaar of veertien op. Hij zei: ‘Ik vond dat jullie deze presentatie heel goed hebben voorbereid.’ Dat is toch ontroerend? We horen ook regelmatig van mensen die altijd alleen naar het theater gaan, maar zich tijdens deze voorstelling echt verbonden voelden met de mensen om hen heen. Of van bezoekers die het in het begin best ongemakkelijk vonden, maar aan het einde telefoonnummers hadden uitgewisseld met iemand die ze daarvoor nog niet kenden. En heel vaak krijgen we de opmerking: ‘Kunnen jullie dit niet eens in de Tweede Kamer doen?’ Na afloop blijven we nog even op het podium staan. Dan komen er altijd wel mensen naar ons toe om een vraag stellen, een selfie maken of gewoon om ons een knuffel te geven. Sommigen delen een persoonlijk verhaal omdat ze zich herkennen in wat wij hebben verteld. Dat zijn misschien wel de mooiste momenten van de avond. We horen achteraf ook wel van technici en horecamedewerkers: ‘Wat is daar in die zaal gebeurd?’ Ze vertellen dat ze het publiek nog nooit zo uitgelaten de zaal hebben zien verlaten. Dan zie je dat het echt werkt.”

Mensen lijken tegenwoordig steeds meer moeite te hebben om contact te maken. Heb je een tip?

“We maken tegenwoordig vooral contact via onze telefoon. We scrollen, appen en liken, maar dat heeft weinig te maken met echt contact maken. Daar doen we trouwens nog iets leuks mee tijdens de voorstelling, maar ook dat ga ik niet verklappen. Wat ons steeds opvalt is dat de meeste mensen juist wél behoefte hebben aan echt contact. Ze hebben alleen een klein zetje nodig. Zodra je dat eerste ongemakkelijke moment voorbij bent, blijken de meeste mensen gewoon heel aardig te zijn en open te staan voor een gesprek. Mijn tip is daarom heel simpel: begin gewoon. Het maakt eigenlijk niet uit wat je zegt. Vraag iets over het boek dat iemand leest of stel een eenvoudige vraag. Ik doe dat zelf ook weleens in de trein. Dan raak je zomaar met iemand aan de praat en dat levert vaak verrassend leuke gesprekken op. Meestal wachten we allemaal tot de ander begint, terwijl iedereen eigenlijk hetzelfde wil: gewoon even echt contact.” ✖

Interview: Rob Kasteleijn

Share:

Programma

Joep & RobDe Verbinders!

Joep van Deudekom en Rob Urgert zijn terug!

di 6okt

Meer stories

TakeRoot

Dag #3 Programmeur Joey op AmericanaFest

- Na de awardshow van gisteren is het AmericanaFest nu echt net begonnen

TakeRoot

Dag #2 Programmeur Joey op AmericanaFest

- Americana Music Honors & Awards in het Ryman Auditorium

Festival Masterpiece

- Hector Berlioz' Symphonie Fantastique

TakeRoot

Dag #1 Programmeur Joey op AmericanaFest

- Op zoek naar de laatste TakeRoot naam

Terugblik: Open Dagen

- Een kijkje achter de schermen tijdens de open dagen van de Stadsschouwburg en De Oosterpoort

Terugblik: Open DagenTerugblik: Open Dagen
Terugblik: Open Dagen

Wie beschouwen we als ‘de ander’?

- Sam Brown van de Nederlandse reisopera over de grote Philip Glass-productie

Wij zijn er klaar voor!

- Zien we je snel?

Nieuws en event-updates elke (twee) week in je mail? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief!

Maak een keuze
Alle velden zijn verplicht

Volg SPOT

    • SPOT Muziek
    • SPOT Theater
    • SPOT Klassiek
    • SPOT Muziek
    • SPOT Theater
    • SPOT Klassiek
SPOT Groningen050-3680111info@spotgroningen.nl
  • FAQ
  • Privacy, cookies & voorwaarden
  • Toegankelijkheid