Louise Korthals over haar met vijf sterren ontvangen comeback
Corona, stemproblemen en de komst van een derde zoon hielden Louise Korthals vijf jaar weg uit het theater. Met haar vierde solovoorstelling Korthals in stukken, bekroond met vijf sterren in NRC, maakt ze een geweldige comeback. Hoe hervindt de winnares van de Poelifinario Engagement 2019, geroemd om haar muzikale zeggingskracht, lef en intense spel, zich in een wereld die langzaam maar zeker doordraait?
“Een geweldige en uiterst muzikale voorstelling.”
NRC ★★★★★
“Louise Korthals koppelt eenzaam moederschap knap aan vrouwenrechten wereldwijd.”
Trouw ★★★★
Wow Louise, vijf sterren in NRC, vier in Trouw. Dat is een comeback in stijl.
“Ja, die recensie van NRC kwam wel heel lekker binnen. Ik heb voor een behoorlijk gewaagde vorm gekozen en dan is het te gek als dat wordt opgepakt. Dat iemand begrijpt wat je hebt willen maken.”
De lat lag na die Poelifinario, de hoogste prijs in jouw vakgebied, natuurlijk hoog. Geeft dat extra druk? Of voelde het na vijf jaar ook een beetje als een nieuw begin met veel vrijheid?
“Ik denk beide, maar het was vooral ongelooflijk spannend. Na vijf jaar weer het podium opgaan voelde alsof ik vrijwillig opnieuw eindexamen ging doen. Ik heb in het begin echt nachtmerries gehad. Waar ben ik aan begonnen? Waarom doe ik mezelf dit aan? Maar uiteindelijk is dit waar ik heel erg gelukkig van word. Ik hou gewoon ontzettend van mijn vak.”
En waar je dus heel erg goed in bent, zo blijkt maar weer.
“Ja ik had niet durven dromen dat het zo goed zou gaan. Ik woon in Amsterdam en ik weet nog dat ik langs de Kleine Komedie fietste en mijn naam op de gevel zag staan. Ineens overviel me een gevoel van: ga ik dit echt weer doen? Ja dus! Ik stond echt even met tranen in mijn ogen.”
Kun je iets vertellen over de voorstelling, zonder al te veel van het plot weg te geven?
“Qua vorm is het heel gefragmenteerd. Veel van mijn generatiegenoten worden voortdurend afgeleid: door kinderen die aandacht willen, door het gepling van je mobiel, door het wereldnieuws dat je huiskamer binnenkomt. Dat maak ik invoelbaar door bezoekers snel en soms heel abrupt van het ene naar het andere moment te laten schakelen. Het verhaal zelf heeft meerdere lagen. Het is enerzijds heel persoonlijk, een moeder die na het krijgen van drie kinderen opnieuw haar weg zoekt in een wereld die langzaam maar zeker aan het doordraaien is. Hoe doe je dat? En waarom zou je dat willen? Je kunt ook achter het huis in je tuinstoel gaan zitten. Tegelijk vind ik het belangrijk dat een voorstelling het individuele overstijgt en een groter verhaal vertelt dat bij meer mensen resoneert. De worsteling van de moeder fungeert als kapstok voor een verhaal over ongelijkheid, vrouwenhaat op social media, de verstikkende systemen van onze tijd en dat we allemaal verantwoordelijkheid dragen voor het grotere geheel. Want zo idealistisch ben ik dan ook wel weer.
Er was een moment dat ik mij afvroeg op welke rotonde ik was vastgedraaid. Ik was voortdurend aan het rennen en eigenlijk alleen nog maar bezig om hijgend heel veel ballen in de lucht te houden. Ik dacht: dit kan het toch niet zijn? Dat ‘ze leefden nog lang en gelukkig’ gewoon blijkt te eindigen op een rotonde? Het moet toch ergens heengaan? Tegelijkertijd zie ik om mij heen ontwikkelingen die mij raken. Hoe laat ik mijn kinderen opgroeien in een wereld waarin iedereen de waarheid claimt en niemand meer precies weet waarop hij kan vertrouwen? Wat geef ik mijn kinderen mee als houvast? In deze voorstelling probeer ik al die worstelingen invoelbaar te maken.”
Je noemt het een re-integratietournee.
“Ja, want het gaat over opnieuw deel willen uitmaken van een groter geheel. De wereld valt steeds meer uiteen. Groepen worden tegen elkaar uitgespeeld, mensen herkennen zich niet meer in de ander en de verdeeldheid neemt toe. Tegelijk had ik ook het gevoel dat ik in stukken lag. Aan de ene kant was ik alleen maar bezig met de wissewasjes van het ouderschap, aan de andere kant probeerde ik opnieuw voet aan de grond te krijgen in wat je tussen aanhalingstekens de ‘normale wereld’ kunt noemen. Het klinkt misschien wat abstract, maar het was voor mij echt een proces van re-integreren: met mezelf én met de wereld. Hoe pak je jezelf weer bij elkaar? Hoe vind je jezelf terug in verhouding tot de wereld waarin we met z’n allen leven?”
Het feit dat jij moeder bent van drie jonge kinderen geeft alles natuurlijk een extra lading.
“Absoluut. Het gaat niet alleen over mij, maar ook over hun toekomst. Ik heb drie zoons. Als ik dan hoor dat de dienstplicht mogelijk opnieuw wordt ingevoerd, denk ik: gadverdamme, waar zijn we toch mee bezig? Wat ik zo fascinerend vind, is dat we allemaal wéten dat het in meerdere opzichten de verkeerde kant op gaat: we hebben een klimaatprobleem, er zijn steeds meer autoritaire leiders, op internet worden jongeren blootgesteld aan de giftige ideeën van influencers. We zien het allemaal gebeuren en ondertussen gaan we gewoon door met ons eigen leventje. Dat mechanisme, de spanning tussen weten en toch blijven doorgaan, raakt voor mij aan de kern van waar de voorstelling over gaat.”
Waarom voelen wij met z’n allen die verantwoordelijkheid niet?
“Je kunt pas zorg dragen voor de wereld als je ermee verbonden bent. Ik denk dat veel mensen dat gevoel kwijt zijn. Als je niet persoonlijk geraakt wordt, is het ook makkelijker om weg te kijken van het ongemak. Zolang jouw tuin niet overstroomt, maak je je niet druk over de waterstand.”
Welke rol heeft humor bij het bespreekbaar maken van serieuze thema’s?
“Humor is onmisbaar, in het echte leven en in het theater. Je moet ook om ellende kunnen lachen. Het maakt zware thema’s lichter, zet je aan het denken en schept een band: we zitten hier samen in. Maar soms voel je ook: dit is zo heftig, hier wil ik nu geen grap over maken. Mensen komen naar het theater omdat ze een fijne avond willen hebben. Ik wil ze laten lachen en tegelijk mijn punt maken, maar ik ga niet als een dominee met een opgeheven vingertje vertellen wat er allemaal niet deugt en hoe het wél moet. De humor zit juist in ons geworstel en gestuntel, in het niet-weten. Mensen zijn vaak heel erg grappig. En soms ook heel afschuwelijk.”
Muziek is ook nu weer een ijzersterk onderdeel van je voorstelling. Kan een lied iets vertellen of teweegbrengen wat je niet met een sketch of een grap kunt doen?
“Een lied komt vaak op een ander emotioneel niveau binnen dan een sketch of een grap. Natuurlijk kun je diep geraakt worden door een tekst, maar een lied heeft – hoe moet ik dat zeggen – iets magisch. Als je het goed doet, kan muziek door muren heengaan en je recht in je hart raken. Ik heb twee fantastische muzikanten; wat die kunnen, dat is zo te gek.”
Je zei net dat jij zelf ook ‘in stukken lag’. Heeft het maken van deze voorstelling je weer geheeld?
“Ja, zo voel ik dat wel. Ik doe weer datgene waar mijn hart ligt. Tegelijkertijd was ik er ook bang voor. Na het krijgen van kinderen had ik een flinke deuk in mijn zelfvertrouwen. Je slaapt slecht, je brein voelt gehalveerd, je kunt niets onthouden… Ik dacht soms echt: waar zijn mijn woorden gebleven? Hoe meer ik met deze voorstelling bezig was – lezen, uitzoeken, kijken, de wereld in – hoe meer ik voelde dat ik weer in mijn kracht kwam te staan.”
Wat hoop je dat bezoekers na afloop meenemen?
“Dat je vertrouwen moet blijven houden. Ik laat mensen nooit zonder hoop de zaal uitgaan. Hoe ingewikkeld of moeilijk een situatie ook is: je moet blijven geloven in betere tijden en beseffen dat je daar zelf ook verantwoordelijkheid voor draagt. Maar ik hoop vooral dat mensen gelachen hebben en geraakt zijn. Daarvoor komen ze naar het theater.”








